Utrechtkrant

Utrechtse queer geschiedenis onderbelicht tijdens Pride

Utrechtse queer geschiedenis onderbelicht tijdens Pride
Foto: rtvutrecht.nl
Sanne van Dijk

Sanne van Dijk

Redactie · 6 juni 2026 · 03:00

Tijdens de Utrecht Pride, die op een zaterdag in augustus 2023 plaatsvond, werd de zichtbaarheid van de lhbti+-gemeenschap vergroot. Echter, de stad Utrecht heeft een lange en complexe queer geschiedenis die vaak niet zichtbaar is. Historicus Marijke Huisman van de Universiteit Utrecht wijst op het gebrek aan verwijzingen naar queer personen in de stad.

Een van de opmerkelijke locaties is het Domplein, dat in de 18e eeuw fungeerde als een ontmoetingsplek voor homoseksuele mannen. Huisman vertelt dat de conciërge van de Dom in 1730 getuige was van seksuele activiteiten tussen twee mannen in de Michaelskapel. Deze ontdekking leidde tot een golf van vervolging van homoseksuelen in de hele Republiek, wat een belangrijke, zij het tragische, rol in de queer geschiedenis van Utrecht markeert.

In totaal werden achttien mannen in Utrecht opgepakt en veroordeeld, wat resulteerde in hun executie. Een plaquette op het Domplein herinnert aan deze gebeurtenissen, maar Huisman vindt het teleurstellend dat dit de enige concrete verwijzing naar de queer geschiedenis in de stad is.

Huisman en de vrijwilligersorganisatie Queer U Stories organiseren rondleidingen door de stad om deze verborgen geschiedenis zichtbaar te maken. Een van de stops is het huis van Dirkje Kuik, een transvrouw en kunstenaar die in de jaren 70 in transitie ging. Voor haar huis ligt een tegel met een QR-code, maar deze is vaak bedekt met vuilniszakken, wat de zichtbaarheid van haar bijdrage aan de geschiedenis bemoeilijkt.

Daarnaast wordt het Oudegracht nummer 261 genoemd, waar in de jaren 70 de eerste feministische boekhandel van Nederland was gevestigd. De stichting die deze boekhandel oprichtte, had een lesbische inslag, wat blijkt uit de naam: Stichting ter bevordering van emancipatie en feminisme, afgekort tot BEF.

Huisman pleit voor meer erkenning van de homoseksuele geschiedenis van Utrecht. Ze stelt dat homoseksualiteit geen nieuw fenomeen is en dat de stad meer zou moeten doen om deze geschiedenis te belichten. Hoewel er symbolen zoals een regenboogfietspad en zebrapaden zijn, zijn concrete verwijzingen naar de geschiedenis van queer personen schaars. Huisman vraagt zich af waarom de stad niet meer bordjes plaatst ter ere van belangrijke queer figuren en gebeurtenissen uit het verleden.